donderdag 9 april 2009

Perkamentus antiquarius

Moet je eerste blog niet een beetje over jezelf gaan, zo vroeg ik mij vannacht af? Wat voor liefhebber is Perkamentus eigenlijk?
Welnu wie P.J. Buijnsters: "Geschiedenis van het Nederlandse antiquariaat" bezit moet even op pagina 22 lezen wat hij schrijft over 'de liefhebbers van oudheden' oftewel de antiquariï. Daarin herken ik mij volkomen.


Ik ben van kinds af aan verzamelaar geweest. Ik heb het ook allemaal wel korte of lange tijd gehad; speldjes, sleutelhangers, schelpen, fossielen en mineralen, munten, stickers, verzamelplaatjes, postzegels en eerste dag enveloppen, sigarenbandjes, dierenschedeltjes (!), pijpenkoppen, oude munitie en ga zo maar door. Pas in de tijd dat ik Geschiedenis studeerde kwam de liefde voor het oude boek opzetten. Voor het snuffelen in archieven en bibliotheken. Kortom voor 'papieren' schatten.

Als ik kijk wat ik nu aan deelverzamelingen bezit dan zijn dat: een verzameling 12de/13de eeuws proto-steengoed uit Brunnsum/Schinveld, een kleine verzameling (meest 19de eeuwse) zilveren gebruiksvoorwerpen, een verzameling archiefstukken (17de t/m 20ste eeuw), een verzameling lakenloodjes (17de en 18de eeuw), een verzameling topografische prenten en kaarten (meest 17de en 18de eeuw), een grote genealogische collectie betreffende mijn familie (30 ordners en 4 dozen met materiaal), een incomplete collectie Nederlandse munten vanaf 1948 (die ik van mijn grootvader erfde), een aantal losse historische objecten en een flinke collectie boeken, waaronder mijn 'perkamenten bandjes'.

Nog steeds schiet ik af en toe uit en koop iets dat niet van papier is, dat geen connectie heeft met boeken (maar wel met geschiedenis!) en dat een bijzondere aantrekkingskracht op mij heeft. Een goed voorbeeld daarvan is een dubbel profaan (tinnen) Middeleeuws draaginsigne van rond 1400. Wie meer wil weten over deze insignes (waaronder ook talloze pelgrimsinsignes) moet eens kijken op Kunera

Toen ik in 2006 deze bodemvondst (volgens de verkoper gevonden in Delft) voor een luttel bedrag kocht dacht ik wel te weten wat het voorstelde. Een gekroonde papegaai aan twee hand- of kruisbogen met een hangoog (ter bevestiging op kleding of hoed). Dat moest natuurlijk een insigne zijn van het schuttersgilde.
De Middeleeuwse schutterij (hand-, voetboog of kloveniersschutters) organiseerde jaarlijks het papegaaischieten. Er werd dan door de leden geschoten op een houten vogel hoog in een mast. Wie het laatste stukje van de vogel eraf schoot werd een jaar lang Koning en mocht het Koningszilver dragen (waarvan een zilveren vogel/papegaai vaak onderdeel was). Met deze wetenschap meldde ik mijn insigne dus in Nijmegen bij Kunera aan.
Ik kreeg al gauw bericht dat het (helaas) niet ging om wat ik dacht. Inderdaad het was een gekroonde vogel aan ketting, mogelijk een papegaai en ook het draagoog was onmiskenbaar. Maar het waren geen hand- of kruisbogen die daartussen zaten maar een Middeleeuwse handhaspel!

Net gesponnen vochtig garen krult op en trekt samen. Om dat te voorkomen werd de wol met de hand op dergelijke haspels gewikkeld die uit twee haaks op elkaar staande armen bestonden. Oké, een haspel dus. Maar wat is in hemelsnaam de betekenis van deze combinatie dan? Wat wilde iemand die dit insigne droeg daarmee zeggen? Het garen spinnen en verwerken was toen zo typisch vrouwelijk en het vogelschieten zo typisch mannelijk.
Welke symboliek gaat er schuil achter twee zo verschillende objecten? Overigens vond ik in Kunera, tussen de meer dan 15.000 geregistreerde insignes, geen andere dubbel insigne zoals dat van mij.
Een mysterie dus, maar wel één dat mij als antiquarius ontzettend boeit.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten